Is het raar dat ik me dat afvraag? Wij wonen in een klein, overzichtelijk straatje waar iedereen elkaar goed kent. Uiteraard mogen de kinderen bij ons de deur openmaken voor een buurman of een buurvrouw: die kennen we, die vertrouwen we. De regel is helder, je hoopt dat hij wordt nageleefd. Niet opendoen voor onbekenden, wel voor familie, vrienden, bekenden. Het lijkt zo simpel.
Ik kan me zomaar voorstellen dat bij een gezin in Dordrecht ongeveer dezelfde regels golden. Een meisje van 12 deed daar vol vertrouwen de deur open voor een bekende, een buurman, iemand van de politie. De verschrikkelijke afloop van het verhaal kennen we. Ik was er werkelijk helemaal kapot van, zat te janken voor de tv, ook al ken ik het meisje en haar ouders niet persoonlijk. Raar?
En toch hebben mijn vouw en ik toen we met onze dochters over dit onvoorstelbare drama praatten verteld dat de regel blijft zoals hij is. Ondanks de verschrikkelijke gebeurtenis in Dordrecht. Dat het niet zo is dat helemaal niemand op deze wereld te vertrouwen is. Dat we de meeste mensen juist wel vertrouwen, zeker de mensen in onze straat, onze buren. Zonder dat houvast leven onze kinderen continu in angst. Dat wil ik hen niet aandoen. Hoop moet winnen van angst. Of is dat raar?




