Dag 1, acht uur ’s avonds. Waar is het misgegaan?
- Omdat een OR-lid een principieel probleem heeft met bonussen heb je alle relevante jurisprudentie alvast doorgelopen
- Je hebt het – vermeende – verschil tussen de fenomenen medewerkerstevredenheids-onderzoek en medewerkersonderzoek diepgaand onderzocht
- Je hebt voorgedragen uit eigen overdrachtswerk en uitgeplozen wat de stand van zaken was, terwijl de ander dat veel beter zou moeten weten omdat die inmiddels weer een aantal weken aan de slag is
- Je hebt een bericht over een vriendenboek voor een afscheid nemende collega laten omhoog halen op intranet, waarna je – door een foutje van een ijverige redacteur – tevens de aanmeldingen voor de receptie binnenkrijgt die door het bestuurssecretariaat zou worden georganiseerd
- Je bent al ruim een week wikkende en wegende over een schrijfopleiding en
- te vermoeid voor welke creatieve drive dan ook
Nadat ondergetekende, zijnde erger dan een ezel, zich wederom voor deze situatie gesteld zag, was de conclusie daar. Eén week zomervakantie is meer dan zat. Drie weken heb je nodig om los te komen van je werk, maar dat wil je helemaal niet. Want dan sta je bij terugkeer voor voldongen feiten waar je het niet mee eens bent en heb je bovendien véél te veel tijd gehad om de illusie te creëren dat je het na terugkeer op de werkvloer allemaal totaal anders gaat aanpakken. Door Augustus Regenseizoen wordt dat gegeven alleen maar versterkt, omdat je je hoofd niet leeg (maar enkel nat en verkouden) kunt fietsen.
Ik pleit voor een spreidingsbeleid. Een periodiek interbellum van een week houdt de boog gespannen. Een keer of vier per jaar een week zonder het openen van je werkmail om te zien hoe onmisbaar je bent is nog net vol te houden. En behapbaar voor het KNMI.
Lees ook: Werkstress verdwijnt alleen door totale rust
De vorige blog van Laura van Hofwegen ging over zelfreflectie en hoe nuttig dat kan zijn, ook voor een ondernemingsraad. Lees ook deze blog: Allergie, en nu?











