Grote, complexe reorganisaties. Ze zorgen voor veel stress bij personeel, en ook bij de ondernemingsraad. Want die moet vaak snel advies uitbrengen. Hoe zorg je ervoor dat je toch grip op de zaak houdt?
Volgens OR-consultant André van Deijk gaan we niet vooruit in onze kijk op
belangrijke thema’s als het ontslagrecht, pensioenen of de vergrijzing. Het zijn
al jaren dezelfde liedjes, die bij tijd en wijle uit volle borst gezongen
worden.
‘Vernieuwing ontslagrecht’, ‘vernieuwing
medezeggenschap’, pensioenen en de vergrijzing, het zijn een paar evergreens die
al enige jaren bij tijd en wijle uit volle borst gezongen worden. Soms heels
vals, zoals deze week, toen de lichte tenor Donner op de tenen ging staan van
sopraan Mariëtte Hamer. Soms wat meer sonoor, zoals het koor van kantonrechters
dat zich serieus wijdt aan een evaluatie van de kantonrechtersformule, waarbij
ze en passant allerlei politieke argumenten ter hand lijken te nemen, maar dit
terzijde.
Het kenmerk van echte evergreens is dat ze altijd
populair blijven, dat ze los staan van de tijd waarin ze het leven zagen, maar
ook van de tijd waarin ze weer uit volle borst opklinken. Helaas kan dat van al
deze onderwerpen niet gezegd worden.
De vernieuwing van het ontslagrecht kan niet losgezien
worden van de Europese discussie rond ‘flexicurity’,iets dat in Nederland
eigenlijk nooit als zodanig benoemd wordt. Google eens op flexicurity en u ziet
wat ik bedoel. Ook in andere landen wordt over ontslagrecht gesproken.
De discussie over de vernieuwing van medezeggenschap
staat mede in het licht van het feit dat Nederland steeds Angelsaksischer is
geworden, zoals vorige week in de column van mijn SBI-collega is
betoogd, wat in dit geval individualistischer betekent. Maar vooral ook
omdat de wereld steeds internationaler is geworden. Besluiten worden niet meer
in Nederland genomen maar elders. De Nederlandse OR praat met een Nederlandse
bestuurder die in heel veel gevallen ook niets meer te vertellen heeft.
En wat betreft pensioenen en vergrijzing zijn al vele oplossingen
besproken, die ook in andere landen worden toegepast, zoals de stapsgewijze
verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd, die de oorspronkelijke bedenkers
van de WAO ook al in het vizier hadden. Tevergeefs.
En zo verworden evergreens tot ’telkens weer hetzelfde
liedje’ en gaan we niet echt vooruit in onze kijk op toch belangrijke, aan de
arbeidsverhoudingen gerelateerde thema’s. Terwijl de wereld echt niet
stilstaat.
Niet iets om moedeloos van te worden, maar wel iets om
over na te denken. Tenzij wij de wal het schip willen laten keren natuurlijk.
Daar bestaat vast wel een mooi zeemanslied over dat de tand des tijds heeft
doorstaan.
Hieronder de tweede weblog van André van
Deijk
De waarde(n) van de aandeelhouder
In het FD van afgelopen zaterdag stond een ‘essay’ van de heren Bovenberg
en Teulings, respectievelijk hoogleraar aan de KUB en
directeur van het CPB. De kern van het verhaal: werknemers moeten niet in
de vorm van extra beloning een deel van het succes van de onderneming willen
claimen als het goed gaat. Laat de risico’s van bedrijfsvoering toch vooral bij
de aandeelhouders. Met het Akkoord van Wassenaar zijn we de goede weg ingeslagen
en daar moeten we vooral niets aan doen. Dit alles in een wat ijzerenheinig,
rationeel aandoend betoog dat een samenvatting blijkt te zijn van een
‘discussion paper’ met de titel ‘Rhineland Exit?’
Mijn eerste reactie: wat een beperkte manier van invullen van het Rijnlands
model! Wat een eng economische benadering van wat een verhaal over waarden en
zeggenschap zou moeten zijn. Alsof het Rijnlands model alleen maar gaat over het
verdelen van de buit. En wat een miskenning van de veel irrationelere
werkelijkheid!
Het verhaal samenvattend zeggen de heren: laat aandeelhouderswaarde het
doel van de onderneming zijn omdat dat op langere termijn meer zekerheid biedt
aan alle betrokkenen en het bovendien een klimaat schept voor meer
werkgelegenheid. Zij verwijzen daarbij naar het insider-outsider verhaal op
basis waarvan minister Donner het ontslagrecht trachtte te versoepelen. Op
papier lijkt er weinig tussen te krijgen. De focus op shareholder value ‘long
term’ stelt het management in staat om op basis van vertrouwen de rentmeester te
zijn ten bate van zowel de aandeelhouder als de werknemer, die door zijn
loonmatiging het management in staat stelt om nieuwe banen te creëren. De
aandeelhouder weet zijn belang gediend doordat het management voor lange termijn
waarde gaat.
De harde werkelijkheid is natuurlijk dat aandeelhouders sinds de jaren 80
over het algemeen helemaal niet naar de lange termijn kijken. Zie de enorme
korte termijn fluctuaties op de beurzen en de reacties die daarop volgen. En al
helemaal niet wereldwijd, waar het niet gebruikelijk is om te polderen. De harde
werkelijkheid is ook dat er veel meer factoren zijn die een rol spelen, zoals
het feit dat er een mondiale arbeidsmarkt aan het ontstaan is bijvoorbeeld in de
ICT, die geregeerd wordt door de afweging van kwaliteit tegen zo laag mogelijke
kosten. De harde werkelijkheid is ook dat er managers zijn die gestuurd worden
door korte termijn bonussen en zich helemaal niets gelegen laten liggen aan
andermans belangen of het bedrijfsbelang.
Dromen van gematigde aandeelhouders, die slechts hun lange termijn doelen
voor ogen houden en werknemers die heel rationeel maar lonen blijven matigen terwijl management niets aan loonmatiging wenst te doen en vele ondernemingen per kwartaal geregeerd worden, is roepen in de
woestijn.
In tijden waarin dit alles speelt is zeer mondige medezeggenschap van
werknemers een uitstekende waarborg voor de menselijke maat. Dat is waarom we moeten hopen dat ons Rijnlandse model overeind blijft en
sterker nog: elders navolging vindt. Opdat we mensen blijven zien waar alleen maar geld en gewin dreigen te regeren. Ik pleit voor
aandeelhouderswaarden.
Hieronder de eerste weblog van André van Deijk
Het kan niet anders of u moet het vreselijk druk hebben. Met de maand
december schrikt Nederland nog even wakker om er nog een reorganisatie, fusie of
fabriekssluiting door te persen. Lekker gevoel als dat af is voor het einde van
het jaar. Ook goed voor de budgetten, want de kosten van dat soort operaties
moeten in het oude budget waargemaakt worden terwijl het nog natte budget voor
2008 moet weerspiegelen wat ze opleveren.
Tegen het einde van het jaar zien we de gewenste periode waarin er advies
uitgebracht moet worden teruglopen tot pak hem beet een weekje of drie. En dan
gaat het echt niet over kleine dingetjes. Om er een paar uit mijn eigen
adviespraktijk te noemen: een geheel nieuwe organisatie optuigen, een Europese
overname van een fabriek of vijftien à raison van een slordige
paar honderd miljoen, het sluiten van een andere fabriek en toch ook weer
het overnemen van een bedrijf voor nog veel meer geld. Allemaal voor de
kerst.
Als ik u was zou ik het niet pikken. Want zeg nou zelf, zo’n besluit met
vergaande consequenties, dat neem je niet op een achternamiddag. Daar wil je
even bij stilstaan. Het lijkt er potdorie verdacht veel op dat medezeggenschap,
zo tegen het einde van het jaar, toch het sluitstuk van besluitvorming in
organisaties is. Nog steeds. Of misschien wel: weer.
Of is het misschien zo, dat we als medezeggenschap gewoon moeten leren om
met de toenemende vaart der volkeren, sneller tot een besluit te komen? Zou
natuurlijk ook kunnen. Dat vraagt wel extra competenties van u als
medezeggenschapper. Sneller en doeltreffender analyseren en beter volgen wat er
in uw branche in de wereld omgaat bijvoorbeeld. Kortom: nog meer informatie tot
u nemen en dat nog sneller kunnen verwerken. Nog pro-actiever zijn. Als dat kan
tenminste.
Misschien een vraag om bij de kerstboom over na te denken. Misschien in de
week naar Oud en Nieuw. Als kerst achter de rug is, het licht weer onder ons is
en we even tijd hebben om stil te staan. Kunt u gelijk ook uw goede voornemens
voor het nieuwe jaar eens op een rijtje zetten. Zoals: meer tijd nemen voor
belangrijke zaken.
Ga ik ook doen, die goede voornemens. En ik ga eens nadenken over die
vraag: moet de medezeggenschap in deze supersnelle tijd sneller tot een besluit
kunnen komen? En ook, wat is daar dan voor nodig?
Fijne feestdagen!