Bij ArboNed en HumanCapitalCare (HCC) verachtvoudigde het aantal bedrijfspsychologen van 5 in 2020 naar 41 nu. Ook Arbo Unie meldt een stijging van 30%. Dat blijkt uit cijfers van het Arbo Unie Kennisinstituut Werk en Gezondheid. Deze stijging komt vooral door de wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg, minder schaamte bij werkenden en meer stressgerelateerde klachten.
Werknemers met psychische klachten die binnen 3 weken passende begeleiding krijgen, zijn 71 dagen eerder weer aan de slag dan collega’s die deze zorg niet krijgen. Dit betekent een besparing voor de werkgever van € 405 per dag per werknemer, ofwel € 24.300.
Snelle start met kortdurende interventies
Sandra Bleyenberg-de Korte, A&O-psycholoog bij ArboNed, en Daphne Dekker, A&O-kerndeskundige, zien deze ontwikkeling vooral als een mooie aanvulling op de arbozorg.
Bleyenberg-de Korte: "Hoe langer je wacht met kortdurende interventies, hoe langer iemand ziek is en verzuimt. Dan slinkt de kans op een snelle, duurzame terugkeer." Ze geeft samen met haar collega's ook therapie, zoals EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing, een behandeling voor mensen met traumagerelateerde angstklachten) voor de 'lichtere' gevallen.
Het belangrijkste is volgens haar dat een bedrijfspsycholoog alvast naar de problematiek kijkt. "De complexe therapie laten we over aan de reguliere geestelijke gezondheidszorg. Maar als het binnen onze mogelijkheden past, starten we alvast de begeleiding tot de werknemer bij de GGZ terecht kan. Je moet dan denken aan werknemers van in de vijftig met meerdere trauma’s. Of werknemers met suïcidale gedachten. Bij de intake kijken we heel goed of iets hier past en of wij het kunnen."
Strikte scheiding organisatie en individu
Om overlapping te voorkomen en niet in elkaars vaarwater te zitten, hanteert ArboNed een strikte scheiding tussen het individu en de organisatie. Bleyenberg-de Korte: "Wij begeleiden de werknemer. Soms samen met het bedrijfsmaatschappelijk werk. De A&O-deskundige is meer gericht op de werkgever en de organisatie. Dat houden we heel bewust gescheiden."
Zelfstandig A&O-deskundige Daphne Dekker schrok eerst wel even toen ze hoorde van de toename van het aantal A&O-psychologen. “Wat krijgen we nou, dacht ik. Gaan A&O-psychologen ons vervangen? We kennen de A&O-psycholoog al veel langer. Komen er nu steeds meer? Het riep zelfs weerstand bij me op. We hebben al te weinig A&O-deskundigen in Nederland en als die dan ook nog vervangen worden, zijn we nog verder van huis. Begrijp me goed: ik heb A&O-psychologen hoog zitten en als bedrijfskundige zat ik ook met hen in het certificeringstraject naar A&O-deskundige, maar het is wel een aparte discipline."
"Gelukkig gaat het hier om een trend van meer medische interventies bij mentale problemen door bedrijfspsychologen. Prima, dat herken ik. Ze sluiten goed aan op het werk van de kerndisciplines binnen de arbodienstverlening." Dekker betrekt de bedrijfspsychologen ook zoveel mogelijk bij haar werk. Een mooie combi: Dekker als gecertificeerd deskundige met een master Bedrijfskunde en een A&O-psycholoog die als behandelaar vooral op de individuele begeleiding zit. "Samen voorkom je meer verzuim door aan preventie te werken."
Het grote belang van de arbodriehoek
Dekker benadrukt het belang van de arbodriehoek. Oftewel: de bedrijfsarts verwijst een werknemer naar de bedrijfspsycholoog, die kijkt wat behandelbaar is en bij meerdere vergelijkbare klachten komt de A&O-deskundige in actie. Hetzelfde geldt voor bedrijfshygiënische of veiligheidskundige klachten. Dan tipt de A&O-psycholoog de arbeidshygiënist of veiligheidskundige. Dekker: "Het werkt aan twee kanten. Ik heb niks met begeleiden, daar brand ik mijn vingers niet aan. Ik doe niets met het individu. Het is mooi dat ik mensen kan doorverwijzen."
Ook Bleyenberg-de Korte prijst de individuele begeleiding die op macroniveau voor oplossingen kan zorgen. Zij noemt als voorbeeld werknemers met neurodiversiteitskenmerken als een stoornis in het autistische spectrum. "De huidige samenleving en de werkomgeving kennen zoveel prikkels. Als je daar moeite mee hebt, is het lastig om in een kantoortuin te werken. Dan kunnen we collega-arboprofessionals tippen om voor een betere werkomgeving te zorgen."
Bereidwilligheid groeit aan beide kanten
"Maar het komt ook voor dat we werkgevers aanraden een workshop neurodiversiteit te volgen als ze daarvoor openstaan, zegt Bleyenberg-de Korte. Of een workshop leidinggeven als we veel klachten binnenkrijgen over een manier van leidinggeven. Dan volgt soms een gesprek met wat educatie. Alles valt of staat wel met de bereidwilligheid van werkgever en werknemer."
En die bereidwilligheid groeit, constateert ze. Bij de werkgevers om personeel te helpen en het verzuim te drukken. Bij de werknemers om die hulp dan ook te aanvaarden. De drempel om hulp te zoeken bij een psycholoog is lager, de stressproblematiek groter en het beroep op de psycholoog – in de reguliere GGZ of de arbozorg – daarmee ook. "De werknemer en werkgever zoeken eerder hulp. En de problematiek is anders. Dat betekent niet dat de huidige kerndisciplines steken laten vallen, zoals weleens wordt gesuggereerd. We zien eenvoudigweg meer angst, meer trauma’s en depressies. Wij kunnen daarin helpen, door anamnese en soms ook therapie."














