Grote, complexe reorganisaties. Ze zorgen voor veel stress bij personeel, en ook bij de ondernemingsraad. Want die moet vaak snel advies uitbrengen. Hoe zorg je ervoor dat je toch grip op de zaak houdt?
<P>Zoals ik in mijn vorige column al min of meer aangaf staat er binnen de RET een nieuwe functie voor mij op stapel. De toezegging van onze directeur is met een handdruk bezegeld en dat moet alleen nog geformaliseerd worden met een aanstellingsbrief. </P> <P>Het tweede punt is de komende or-verkiezing in maart 2010. Dat laatste impliceert ook direct het einde van mijn deelname aan de or. De aangeboden functie is moeilijk te combineren met mijn or-werkzaamheden. Ook zou er verwarring kunnen optreden tussen het or-lid Piet Holleman en de werknemer Piet Holleman. Maar misschien wel het allerbelangrijkste, de verwachting is dat de betreffende functie enorm veel tijd gaat kosten en drukke werkzaamheden met zich meebrengt. Een oudere jongere van 59 moet zich in acht nemen. In goed overleg heb ik besloten om een punt achter mijn or-werkzaamheden te zetten. Mijn vakbond betreurt dit, maar is uitermate begripvol, zij weet ook dat sommige kansen maar eenmaal voorbij komen. Andere hangen weer de vlag uit of zitten te kniezen vol van kinnesinne.</P> <P>Dat ik met de or stop is in principe dan ook een goede zaak, oude mannen moeten plaats maken voor de jonge garde, zeker in inspraakland. De jeugd heeft de toekomst en dat moeten ze gaan waarmaken. Niet bang zijn, fouten maken hoort daarbij en wie weet is er soms nog wat te leren van een senior in het bedrijf. Dat dit goed kan werken weet ik nu uit eigen ervaring.</P> <P>De afgelopen periode ben ik samen met mijn jonge en zeer enthousiaste collega Kirsten bezig geweest om de personeelsvoorziening die al in het bedrijf aanwezig was – op verzoek – om te bouwen tot een professionele organisatie. Stichting ondersteuningsfonds RET personeel, afgekort tot STOF.</P> <P>Het punt van samenwerking wil ik even toelichten. De synergie tussen mijn, ik meen 25-jarige (een dame vraag je niet om haar leeftijd), collega Kirsten en deze oude brombeer van 59 was tot mijn eigen verbazing bijzonder goed, je bent nooit te oud om te leren. Wederzijdse waardering voor kennis en kunde die een ieder meebracht heeft geresulteerd in een prima samenwerking en een mooi resultaat. Omdat ik graag alles wil weten, vraag ik me af wat precies de mix was die deze samenwerking tot een succes maakte. Misschien was het wel dat je elkaar het succes moet gunnen. Dat het doel belangrijker is dan het eigen belang. Misschien ook wel dat we geen concurrenten zijn, ik bedoel dus dat we geen bedreiging voor elkaar zijn.</P> <P>Dat laatste punt is in de bijna afgelopen or-zittingsperiode weleens anders geweest. Daar speelden zaken als concurrentie, succes gunnen en eigen belang wel terdege een (grote) rol. Dat dit – af en toe – ten koste is gegaan van de kwaliteit van de inspraak spreekt voor zich en over mijn eigen rol daarin ben ik zeker niet tevreden. Dit is een van de lessen die ik mee wil geven, gun elkaar het succes ook al is dat soms moeilijk.</P> <P>Ik zal straks met een dubbel gevoel afscheid van de raad nemen, maar zal mijn ervaringen wel met jullie blijven delen op deze plek.</P>